Ingrepen   Ingetrokken tepel

Ongeveer 2% van de vrouwelijke bevolking heeft minstens één ingetrokken tepel. In de meeste gevallen is dit aangeboren. Dit kan relatief eenvoudig opgelost worden dankzij een tepelcorrectie onder lokale verdoving.

Twee types ingetrokken tepels

De ingetrokken tepel heeft verschillende gedaantes.

Het eerste type ingetrokken tepel is de ‘normaal gevormde’ tepel die occasioneel naar binnen klapt. Om dit te verhelpen plaatst men een ringetje onder de huid om te voorkomen dat de tepel nog naar binnen trekt. Als de tepel verder normaal is aangelegd, kan dit type ingetrokken tepel eenvoudig gecorrigeerd worden. Deze ingreep laat geen littekentjes na. Bovendien is borstvoeding geen probleem na deze tepelcorrectie. De melkgangetjes blijven immers intact.

Ten tweede is er de ‘slecht aangelegde’ ingetrokken tepel. Dit type ingetrokken tepel manifesteert zich meestal vanaf de puberteit en is iets moeilijker te behandelen. Er moet namelijk een litteken gemaakt worden door de tepel om de melkgangetjes los te maken. Het zijn immers die kanaaltjes die de tepel naar binnen trekken.

Deze ingreep kan gedurende enkele weken korstvorming veroorzaken. Na de correctie van dit type ingetrokken tepel is borstvoeding soms niet langer mogelijk.

Beide tepelcorrecties gebeuren onder plaatselijke verdoving. Na de ingreep kunt u onmiddellijk weer naar huis.

De ingetrokken tepel

De ingetrokken tepel

De ingetrokken tepel

De ingetrokken tepel

Bekijk hier de foto’s van de ingetrokken tepel